
In de winter gaat alles in de tuin in rust; zeker bovengronds valt het leven stil. Maar wat gebeurt er eigenlijk met al dat bodemleven tijdens een zware winterweek, als het sneeuwt en ‘s nachts hard vriest?. Overleeft dat allemaal, of verdwijnt het en moet de populatie in het voorjaar weer van nul opbouwen?.
Terwijl wij tijdens de koude dagen gezellig binnen in de zetel kruipen en ons bezighouden met zaden- en tuinplanning, blijven onze hulptroepen achter in de tuin. Denk aan al die nuttige insecten, bacteriën, schimmels en regenwormen die deel uitmaken van het bodemvoedselweb. Hoe overleven zij de kou en kunnen wij hen daarbij helpen?.
De regenworm: De diepte in of in de knoop
Laten we beginnen met de bekendste medewerker van jouw bodem: de regenworm. Iedereen weet hoe nuttig ze zijn, en in een gezonde bodem kom je er behoorlijk wat tegen.
De meeste regenwormen voelen de kou aankomen. Ze wachten niet tot het hard vriest, maar trekken bij dalende temperaturen al dieper de grond in, tot wel 40 à 60 centimeter diepte. Dit is meestal net onder de vorstgrens in onze streken. Op die diepte is de temperatuur zo’n 3 tot 4 graden, wat voor hen geen enkel probleem is. Het grote gevaar voor wormen is namelijk dat het water in hun lichaam bevriest. Hierdoor ontstaan scherpe ijskristallen die hun cellen kunnen lekprikken, en dat overleven ze niet.
Soms worden wormen echter verrast door plotse kou, of zijn ze nog te klein om diep genoeg te graven. In dat geval gaan ze in diapauze. De worm rolt zich op tot een strakke bal (een soort knoop) in een klein kamertje in de aarde en omhult zichzelf met eigen slijm. Dit slijm voorkomt uitdroging, terwijl de worm zijn metabolisme zo laag mogelijk zet om energie te sparen. Zo wachten ze tot de vorst voorbij is. Interessant genoeg doen ze dit ook in de zomer als het te heet en droog wordt; dat noemen we dan een zomerslaap.
Kleine beestjes en hun interne antivries
Hoe zit het dan met andere bodemdieren die niet diep kunnen wegkruipen, zoals mijten, pissebedden en springstaarten?. Zij lossen dit op met chemie.
Zodra de dagen korter worden – dus nog voordat het echt koud is – krijgen zij een seintje van hun lichaam om hun bloedsamenstelling te veranderen. Ze maken grote hoeveelheden suikers en alcoholen aan, specifiek glycerol. Dit ken je misschien wel als het bestanddeel in de ruitenwisservloeistof van je auto. Het werkt precies hetzelfde: het verlaagt het vriespunt van hun lichaamsvloeistoffen. Waar normaal water bij 0 graden bevriest, kunnen deze diertjes dankzij de glycerol temperaturen van -5 tot wel -20 graden overleven. Ze zijn dan wel non-actief, maar ze vriezen niet kapot.
Er zijn natuurlijk uitzonderingen. De sneeuwvlo, een soort springstaartje, heeft juist kou en sneeuw nodig. Op zonnige winterdagen komen ze naar boven om op de sneeuw rond te springen en een partner te zoeken. Zie je op een winterdag zwarte puntjes op de sneeuw? Grote kans dat dit sneeuwvlooien zijn.
Bacteriën en schimmels
Dan zijn er nog de allerkleinsten: bacteriën en schimmels. Zij kunnen niet wegkruipen en hebben geen bloed om aan te passen. Toch zijn ze enorm sterk. Bacteriën zetten ofwel voortplantingsmechanismes in gang waarbij ze zelf afsterven maar nageslacht achterlaten, of ze omgeven zichzelf met een dikke wand ter bescherming. Ze gaan in een soort ruststand waarbij alle activiteit stopt. Het voordeel hiervan is dat ze razendsnel weer actief kunnen worden zodra de temperatuur stijgt.
Het gevaar van de ‘naakte’ bodem
Hoewel de natuur dus slimme overlevingsmechanismen heeft, schuilt er een gevaar in de klassieke manier van tuinieren. Veel mensen spitten hun tuin voor de winter om alles “netjes” te maken, zodat de vorst de structuur van de kluiten kan breken. Dit advies is echter achterhaald, onder andere omdat het bodemleven hierdoor veel gevoeliger wordt voor temperatuurschommelingen.
Stel dat het na een week hard vriezen plots 10 of 11 graden wordt met een zonnetje, zoals we soms in de winter zien. Een open, zwarte bodem warmt dan heel snel op. Een deel van het bodemleven denkt hierdoor onterecht dat de winter voorbij is. Sommige pissebedden of springstaarten beginnen hun interne antivries (de glycerol) af te breken.
Als het daarna in februari weer hard gaat vriezen, hebben ze een groot probleem. Ze zijn hun bescherming kwijt en het kost tijd om die opnieuw aan te maken. Bij sterke en snelle schommelingen overleven ze dit vaak niet.
De oplossing: Mulchen en rommelhoekjes
In een natuurlijke moestuin lossen we dit op door de bodem af te dekken met een mulchlaag. Dit werkt als een isolatiedeken. Het zorgt ervoor dat de bodem veel trager afkoelt, maar ook veel trager opwarmt bij tijdelijke zonnige periodes. De pieken en dalen van de temperatuur worden afgevlakt. Als er ook nog sneeuw op ligt, werkt dat als een dubbele isolatielaag en bevriest de bodem eronder vaak nauwelijks. Hierdoor wordt het bodemleven niet ‘gefopt’ om te vroeg wakker te worden.
Daarnaast adviseren we in de permacultuur altijd een “zone 5”: een hoekje waar je niets doet. Laat ergens een takkenhoop of steenhoop liggen. Dit zijn essentiële overwinteringsplekken. Onder zo’n takkenhoop blijft het bodemleven vaak een beetje actief, waardoor er warmte vrijkomt en de grond zelden bevriest.
Ruim ook niet te veel op in het najaar. Laat uitgebloeide bloemstengels, maïsstengels, kolen en afgevallen blad staan of liggen. Ze breken de wind, isoleren de bodem en bieden onderdak aan je werknemers, zodat zij in het voorjaar weer klaarstaan om je tuin te helpen.
Conclusie: Mulch en laat ‘rommel’ staan
Het bodemleven heeft door miljoenen jaren evolutie manieren gevonden om de winter te overleven, zolang wij die beschermende factor niet weghalen door te spitten of de bodem kaal te maken. Als jij zorgt voor een mulchlaag, start je in het voorjaar met een grote voorsprong omdat je bodemvoedselweb nog actief en intact is.
Wat je hierboven leest, is een transcriptie van de podcast. Deze tekst bevat de hoofdpunten van de opname, maar is altijd beknopter dan het origineel. Wil je het volledige verhaal, met alle details, dan kan je best de opname bovenaan beluisteren!
Wil je het in je auto, tijdens het sporten of tuinieren beluisteren, dan is het misschien handig om dit via mijn Spotify-kanaal te doen: Je Eigen Perfecte Tuin
Geef een reactie