In deze podcast zou ik het graag hebben over een cruciaal onderwerp voor de toekomst van onze tuin: het omgaan met regenwater. Door klimaatverandering worden we steeds vaker geconfronteerd met extremen: heel lang nat, heel lang droog, of zoals onlangs, heel lang heet. Dit zorgt voor problemen.
Traditioneel, zeker tot een tiental jaar geleden, voerden we al het regenwater zo snel mogelijk af omdat we de tuin liever droog hadden. Sinds 2017 en 2018 maken we echter vaak lange droge of juist natte periodes mee.
Om dit effectief en natuurlijk op te vangen, is de wadi (of regenwatertuin) de laatste jaren sterk in opmars. Dit kan veel betekenen in zowel een kleine als een grote tuin.
Onze beginsituatie en het probleem
Misschien is het goed om te starten met onze eigen beginsituatie. Toen we bij Yggdrasil startten, nu bijna dertig jaar geleden, hadden we een smal, lang stuk grond van meer dan 300 meter lang en op het smalste deel zo’n 40 meter breed. Dit ligt halverwege een helling in een vallei.
Dit betekende dat er vroeger heel veel water met grote snelheid afstroomde van de hoger gelegen velden, waar het regenwater niet werd vastgehouden. Ons terrein was in het begin een geploegde akker zonder obstakels. Het water won aan kracht en nam grote hoeveelheden kostbare aarde mee van ons terrein, wat voor veel erosie zorgde.
We zijn direct gestart met het aanplanten van houtkanten, maar die wortels hebben uiteraard tijd nodig om zich te ontwikkelen en de grond goed vast te houden. Als oplossing hebben we toen halverwege ons terrein een smalle houtkant geplaatst en aan de bovenkant een greppel gegraven, wat men nu een wadi zou noemen.
We groeven dit zo’n dertig centimeter diep uit en wierpen de aarde aan de lagergelegen kant op tot een klein heuveltje of berm. Het afstromende water liep in de greppel, werd tegengehouden door de berm en kreeg zo veel meer tijd om in te sijpelen.
We hebben dit wegens de reliëfvormen geleid naar het laagste punt aan het begin van onze tuin, waar onze poel ligt. Als de wadi bij grote stortbuien te vol kwam, liep deze af naar de vijver. Dit zorgde ervoor dat het afstromende water werd opgevangen en tot stilstand kwam, we geen erosie meer hadden over onze groentebedden, en we tegelijk een waterbuffer in de bodem creëerden voor latere, droge periodes.
Zo verlies je het water niet aan de straat of het riool, en is je tuin veel beter bestand tegen droogte.
Wat is een wadi precies?
Het woord wadi is van oorsprong Arabisch en betekent ‘rivierdal’: een plek die een groot deel van het jaar leeg staat, maar zich vult bij zware regenval. In het Nederlands noemt men dat een regenwatertuin. Voor ons in de achtertuin is het een ondiepe, begroeide kuil of verlaging in het landschap, specifiek ontworpen om kortstondig grote hoeveelheden water op te vangen en plaatselijk te laten inzinken.
In de praktijk werkt het meestal zo: je koppelt een regenpijp af van je huis, je serre of tuinhuis. In plaats van het water af te voeren naar het riool, leid je het via een buis of een zelfgegraven kanaaltje naar die ondiepe kuil in je tuin.
Tijdens een hevige regenbui vang je hier het water op. In de daaropvolgende uren of dagen sijpelt het langzaam en op een natuurlijke manier de bodem in. Het is absoluut niet de bedoeling dat het daar dagen of weken blijft staan; je creëert dus geen blijvende poel.
De aanleg en de infiltratietest
Uiteraard werkt dit niet op elke bodem. Op een pure zandgrond zakt water direct weg, dus daar heeft een wadi weinig nut. Je kunt de geschiktheid van je grond meten met een simpele infiltratietest of emmerproef.
- Graaf een gat van ongeveer 30 centimeter diep (de diepte van je wadi) en giet er een emmer water in.
- Is het water na een paar uur weg, dan is je bodem zeer geschikt.
- Is het binnen een paar minuten weg, dan haalt de wadi niets uit.
- Duurt het veel langer dan 24 uur, dan moet je de wadi groter maken voor meer infiltratieoppervlak, of overwegen of een poel of vijver beter bij je zware grond past.
Een veelgemaakte fout is dat mensen de wadi te diep uitgraven en eigenlijk een vijver maken. Een diepte van 15 tot maximaal 30 centimeter op het diepste punt is meer dan voldoende. Maak de hellingen (de zijwanden of taluds) heel zacht en geleidelijk. Als je ze steil maakt, heb je grote kans dat ze bij hevige regen instorten.
Zorg bovendien áltijd voor een overloop. Omdat je je niet kunt voorbereiden op álle weersomstandigheden (zoals een extreme onweersbui), zal de wadi soms te snel vol raken. Voorzie op het hoogste punt een uitweg, zodat het water versneld kan afvloeien naar de straat of riolering en je niet de tuin van je buren laat overstromen.
Wij hebben dit zelf door schade en schande geleerd, toen onze overstromende poel de eerste keren een deel van onze teeltbedden wegspoelde.
Voordelen en mythes
De voordelen van een wadi zijn aanzienlijk:
- Minder wateroverlast: Als straten en rioleringen het water niet meer kunnen slikken door overbelasting, helpt het enorm als mensen een of meerdere regenpijp(en) afkoppelen. Als een hele straat dit doet, wordt er een enorme hoeveelheid water gebufferd, wat overstromingen vermijdt.
- Waterbuffer voor planten: Door het water lokaal in je tuin te laten infiltreren, bouw je een reserve op in de diepere bodemlagen. In droge periodes kunnen planten dit water omhoog trekken, terwijl afgevoerd water verloren is voor je tuin.
- De muggenmythe: Vaak vrezen mensen dat stilstaand water muggen aantrekt. Dit klopt niet bij een wadi: muggen hebben minimaal een week tot tien dagen nodig om zich te ontwikkelen. Een goed werkende wadi is na een tot maximaal twee dagen weer leeg. Duurt het langer? Boor dan gaten in de bodem en vul ze met kiezel om het water sneller op te nemen.
- Biodiversiteit: Je kunt de wadi beplanten of op natuurlijke wijze laten begroeien. Dit creëert een oever- en moerasplantenhabitat, wat nieuwe bloeiende planten en insecten aantrekt en je ecosysteem diverser maakt. Bovendien houden de wortels van die planten de grond open en verbeteren ze de infiltratie. Een kale wadi slibt snel dicht.
Tot slot vraagt een wadi maar weinig onderhoud. Het is goed om in het voorjaar afgestorven plantenmateriaal en opgehoopt blad te verwijderen. Een beetje humus kan geen kwaad, maar als er te veel slib ligt, kan de bodem dichtslaan, waardoor de infiltratie en de effectiviteit van je wadi verminderen.
Het is kortom een eenvoudige manier om regenwater te koesteren, de biodiversiteit te verhogen en je tuin sterker te wapenen tegen extremere klimaatomstandigheden.
Wat je hierboven leest, is een transcriptie van de podcast. Deze tekst bevat de hoofdpunten van de opname, maar is altijd beknopter dan het origineel. Wil je het volledige verhaal, met alle details, dan kan je best de opname bovenaan beluisteren!
Wil je het in je auto, tijdens het sporten of tuinieren beluisteren, dan is het misschien handig om dit via mijn Spotify-kanaal te doen: Je Eigen Perfecte Tuin

Geef een reactie