Afgelopen zomer was weer een enorm lange, droge zomer en het is eigenlijk nog altijd heel droog in onze bodems. In mijn zoektocht naar het oplossen van eventuele problemen met droogte, of het verminderen van het effect ervan, ben ik al bezig met een mengsel van complexe groenbemesters. Dit doe ik om te zorgen dat die bodem dieper doorworteld wordt, diepere kanalen heeft, water beter kan vasthouden en terug kan optrekken. Maar ja, uiteraard kan het altijd beter.
Iets anders wat ik ben tegengekomen, en waar ik vroeger ook al over nagedacht heb, is het gebruik van biochar. Daar lees je heel veel tegenstrijdige zaken over, dus daar wil ik in deze podcast toch eens dieper op ingaan.
De indrukwekkende beloftes van biochar
Biochar heeft de belofte dat het enorm veel kan doen voor je tuin. Het is een klimaatheld, omdat het heel veel CO2 uit de lucht kan halen en als koolstof in de grond kan steken. En dit niet voor een korte periode, zoals compost bijvoorbeeld doet, maar echt voor honderden tot, zoals geclaimd wordt, zelfs duizenden jaren. Dat is toch wel indrukwekkend, kan je zeggen.
Een bijkomend voordeel is dat het ook een bodemverbeteraar zou zijn. Het zou ervoor zorgen dat water veel beter in je bodem wordt vastgehouden, dat voedingsstoffen daaraan vastgehouden worden en dat je bodem die zaken dus veel beter kan uitwisselen met planten en met het bodemleven. Als laatste zou het er ook voor zorgen dat dat bodemleven een soort van plek heeft om te wonen, een huisvesting, om het zo te zeggen.
Waarom biochar maken niet zo simpel is
Wat is daarvan aan? Daar ga ik later op in, maar ik wil eerst eens beginnen met de redenen waarom biochar vroeger wel wat opmars heeft gemaakt, maar uiteindelijk nooit echt is doorgebroken. Om die reden te begrijpen, moet je eens gaan kijken hoe die biochar gemaakt wordt en wat het juist is.
Eigenlijk is dat niet meer dan verbrand hout, maar niet gewoon verbrand hout in jouw kachel of in een vuurschaal buiten. Het moet op een specifieke manier gebeuren, en ik denk dat daar al heel vaak in de fout gegaan wordt. Je kan op YouTube vaak zien hoe je zelf biochar kan maken, maar dan bots je al snel tegen verschillende problemen aan. Je kan dat, zoals vaak wordt gezegd, in een afgesloten vat doen, of met een ‘vat in een vat’ waarbij je het vuur eigenlijk langs de buitenkant stookt. Dan moet je gaten boren en zorgen dat die gassen uitwisselen en dat de verbranding lang genoeg doorgaat. Op zich is het niet zo moeilijk om goede houtskool te krijgen, maar om écht biochar te maken die je kan gebruiken in jouw tuin, dat is toch een heel ander verhaal.
Het probleem is dat het echt wel een proper product moet zijn. Je wilt geen vervuilende stoffen, zoals teer of PAK’s zoals men dat noemt, in jouw bodem gaan brengen waar jouw planten hun voedingsstoffen uithalen. Je moet dus ten eerste zorgen dat er geen onvolledige verbranding is. Alle gassen en stoffen die vrijkomen, moeten volledig verbranden, zodat er geen teer en dergelijke gevormd wordt. Het is dus echt wel een delicaat proces. Om echt goede biochar te hebben, moet je eigenlijk ook nog boven de 400, liefst tegen de 700 graden Celsius zitten, zonder dat er zuurstof bij kan. Je hoort het al: het is direct niet zo evident om dat even snel in je eigen tuin te doen.
Als je overweegt om biochar te gebruiken, zou ik daarom niet aanraden om dat zelf te maken, maar koop het liever aan. En als je dat aankoopt, wil je zeker zijn dat het juist gemaakt is: bij hoge temperaturen, proper, en met zuiver ingangsmateriaal. Kijk dan naar een keurlabel, het EBC (European Biochar Certificate). Dat garandeert dat het product veilig en zuiver is en dat er geen zware metalen of gifstoffen in zitten. Dat is toch wel een eerste vereiste.
De cruciale fout: biochar niet ‘opladen’
Iets anders wat je nog moet weten als je biochar wilt gebruiken, is dat je het product moet opladen. Vroeger was dit gegeven blijkbaar redelijk onbekend. Als je biochar gewoon maakt of aankoopt, dan is dat iets wat nog leeg is. Het is een houtig materiaal, puur koolstof met heel veel poriën, maar er zit nog niks in. Je moet die biochar dus echt eerst opladen en zorgen dat er voeding in zit.
Doe je dat niet, en breng je het leeg in de bodem in, dan gaat de biochar eigenlijk alles uit die bodem trekken en opslaan. Je krijgt dan een averechts effect, doordat die voedingsstoffen voor lange tijd worden vastgelegd in die biochar. Alles wat in de bodem vrijkomt en beschikbaar is, wordt naar de biochar gezogen en jouw planten en bodemleven hebben daardoor weinig over. Dat is een van de redenen waarom biochar vroeger vaak negatief werd beoordeeld: mensen wisten niet dat je het effectief moet opladen voor gebruik.
Hoe doe je dat opladen? Als je zelf compost maakt, kan je de biochar al tijdens de compostering bijmengen. Dan zal die aan het einde helemaal opgeladen én gemengd zijn met de compost, wat ideaal is om aan je bodem toe te voegen. Een andere optie is om de biochar in een vat of een ton te doen, waar je zelf voedingsstoffen aan gaat toevoegen. Je kan dat doen met plantengieren, door er compost bij te mengen, of door er verteerde mest in te doen. Er zijn heel veel manieren om het op te laden, maar het is vooral heel belangrijk dát je het doet. Geef het de tijd, vocht en voedingsstoffen, zodat de biochar helemaal vol zit vóór je hem aan je bodem toevoegt. Het moet een opgeladen spons zijn die direct kan afgeven, en niet eerst nog heel lang moet opnemen.
Eenmaal in de bodem werkt het als een magneet. Omdat het al is opgeladen, is dat zuigende effect veel minder groot en neemt het pas iets nieuws op als er iets anders wordt afgegeven. Het effect kent verschillende vormen:
- Fysiek heeft het invloed omdat er heel veel poriën in zitten, waardoor het heel veel water gaat vasthouden. Mijn hoop is dat dit er in principe voor zorgt dat je bodem minder snel uitdroogt, of dat je planten toch langer water kunnen vinden.
- Chemisch gezien is biochar negatief geladen. Daardoor gaat het veel positief geladen voedingsstoffen aantrekken en vasthouden, zodat deze niet uitspoelen maar uitgewisseld kunnen worden met het bodemleven.
- Biologisch vormt het een huisvesting voor nuttige bodemschimmels en bacteriën; het is een uitvalsbasis waar je bodemleven zich kan terugtrekken.
Hoe dien je biochar toe (en hoeveel)?
Tot zover wat biochar is. Maar hoe ga je dat nu in de praktijk toedienen?. Ook daar lees je nogal wat zaken over. Men zegt bijvoorbeeld dat je rond de 5% moet zitten als ideale hoeveelheid. Te veel is niet goed, en bij te weinig heb je amper effect. Maar ja, wat ís 5% in een bodem natuurlijk? Je kan dat heel moeilijk gaan meten.
Het advies dat ik gevonden heb, is dat je het geleidelijk aan moet toedienen. Geef niet in één keer een enorm grote hoeveelheid. Biochar is namelijk vaak basisch en heeft een hoge pH. Als je gigantisch veel tegelijk gaat toedienen, kan dat lokaal een abrupte tijdelijke stijging van de zuurtegraad veroorzaken. Bepaalde voedingsstoffen worden dan niet meer opneembaar, waardoor je planten tijdelijk in de problemen komen. Er wordt dus meestal gezegd dat het maximum bodemvolume zo’n 5% biochar in de wortelzone is. Uit onderzoek is gebleken dat die 5% een maximaal effect en een maximale opbrengst oplevert, maar dat je het dus geleidelijk moet opbouwen.
Hoe ga je dan naar die 5% toe en wanneer bereik je dat? Dat is uiteraard niet evident om te zeggen. Besef wel dat alles wat je geeft, niet zomaar afgebroken wordt. Denk terug aan het begin, waar ik zei dat biochar in theorie honderden tot duizenden jaren in die bodem kan blijven zitten en zijn functie vervult. Je hoeft er dus niet blijvend bij te geven, het blijft allemaal in die bodem zitten en je moet het niet eindeloos blijven opstapelen.
Om die optimale dosis van rond de 5% te benaderen, is het advies om ongeveer een halve tot één kilo biochar per vierkante meter per jaar te geven. Dat herhaal je dan gedurende een drietal, viertal of vijftal jaren. Dan benader je die concentratie wel ongeveer. Uiteraard is dat nattevingerwerk en een gok, maar om niet te veel ineens te geven, zou ik het toch op die manier aanpakken. Zelf ga ik het ook zo proberen om die biochar in de bodem te krijgen.
Ik ben totaal geen voorstander van bodembewerking, dat weet je waarschijnlijk al wel. Dus hoe ga je die biochar dan uiteraard in die bodem krijgen?. De gemakkelijkste manier lijkt mij om het te mengen met compost, die compost op je bedden te leggen en het oppervlakkig in te werken in de bovenste vijf centimeter. Zo zit het toch al in de bovenste wortelzone, en in principe doen de regenwormen daarna de rest van het werk. Regenwormen eten bodem, eten die compost, en nemen de biochar ineens mee op. Regenwormen poepen heel stevige bodemaggregaten uit. Ze hebben een heel specifiek darmkanaal met microben die er nog van alles aan toevoegen. Dat gaat ervoor zorgen dat de biochar enorm goed gemengd raakt met de aarde en de compost, en stevig verankerd zit in die aggregaten waar het zijn werk perfect kan doen. Het lijkt mij dus de ideale manier: de opgeladen biochar oppervlakkig toedienen in een mix met compost, dit licht inwerken, en het bodemleven verder de rest laten doen.
Experimenteren voor de toekomst
Een kleine disclaimer: ik heb het zelf nog niet gebruikt en heb er nog geen ervaring mee. Alles wat ik verteld heb, is gebaseerd op wat ik heb gevonden op internet, wat ik me heb laten vertellen of uit onderzoeken heb gehaald. Maar het is iets wat ik volgend jaar absoluut wil proberen. Misschien ga ik dit najaar de biochar al aankopen, zelf opladen en mengen met compost. Zo heb je ook een idee van de hoeveelheden die er in die compost zitten als je het later wil toedienen.
Mijn hoop is dat het zorgt voor een betere groei en bodemstructuur, en dat het een stimulans is voor het bodemleven. Maar mijn állergrootste hoop is natuurlijk het effect op het vasthouden van water in de bodem. Dat zal de komende jaren volgens mij alleen maar een groter probleem worden: óf droogte waardoor je water lang moet vasthouden, óf overdreven veel water op korte periodes waardoor je een hele goede bodemstructuur nodig hebt om het vlot te laten doorsijpelen. De komende jaren gaan we hiermee experimenteren, en ik hoop volgend jaar of het jaar daarna al positief nieuws te kunnen brengen over het effect van biochar in onze eigen tuin.
Korte samenvatting
Nog een korte conclusie en samenvatting: biochar heeft de potentie om ontzettend veel te betekenen in een bodem. Het is een huisvesting voor bodembacteriën en -schimmels, het slaat voedingsstoffen op en het houdt water vast. Je kan het zelf proberen te maken, maar daar zijn toch wel enige risico’s aan verbonden. Mijn advies is dus om het aan te kopen en te kijken naar dat EBC-label (European Biochar Certificate), zodat je zeker bent van een veilig en zuiver product.
Daarnaast is het heel belangrijk om het op voorhand op te laden door het te mengen met water en compost. Je moet ervoor zorgen dat er al voldoende voedingsstoffen ín de biochar zitten, zodat het niet eerst jouw bodem gaat leegtrekken. Geef tot slot niet te veel in één keer: beperkte giften van een halve à één kilo per vierkante meter, verspreid over verschillende jaren. Als je dit best lichtjes inwerkt, geraakt het snel in de wortelzone en doet het bodemleven verder de rest.
Wat je hierboven leest, is een compacte transcriptie van de podcast. Deze tekst bevat de hoofdpunten van de opname, maar is altijd beknopter dan het origineel. Wil je het volledige verhaal, met alle details, dan kan je best de opname bovenaan beluisteren!
Wil je het in je auto, tijdens het sporten of tuinieren beluisteren, dan is het misschien handig om dit via mijn Youtube-kanaal te doen: Je Eigen Perfecte Tuin. Je kan ook terecht op Spotify, Deezer en Apple Podcast

Geef een reactie