
Een tijdje geleden heb ik een vraag gekregen in mijn mailbox over mulchen, en aangezien het nu toch wel stilaan de tijd is om terug volop te beginnen mulchen voor het najaar en de winter, leek het mij een goed moment om die vraag te beantwoorden. Dit is een vraag in twee delen en dit is de eerste vraag. Een persoon had een boek gelezen over mulchen in de natuurlijke moestuin en stelde nu een bijkomende vraag.
Mag je tomatenblad gebruiken als mulch?
De eerste vraag was: mag er tomatenblad bij de mulch? Dat is een zeer gevoelige vraag waar sommige mensen soms hevig op reageren. Mijn antwoord is daar zeker niet het standaard antwoord op. Ik geef volmondig “ja” als antwoord. Uiteraard zullen er heel veel mensen “nee” zeggen en dat berust toch op wel wat verkeerde gedachten of verkeerde informatie en misschien ook wel op een te grote angst.
In principe kun je gezond plantenmateriaal, ongeacht wat de oorsprong is, altijd gebruiken als mulchmateriaal. Gezond tomatenloof, gezond aardappelloof, ik zou niet weten wat je daarop kan tegenhebben om dat te gebruiken als mulchmateriaal. Dat is zeker geen probleem als je bij je tomaten aan het dieven bent, als je toppen eruit haalt of als je de onderste onbeschadigde bladeren wegknipt. Dat kan geen enkel kwaad, dat kan geen enkel probleem zijn en kun je perfect gebruiken om te mulchen.
Het spook van de tomaten- en aardappelplaag (Phytophthora)
Het gaat vaak over het probleem met de aardappelplaag of de tomatenplaag (phytophthora). Dan verandert het verhaal heel hard, en dan is heel vaak het advies om dat niet te gebruiken als mulchmateriaal en zelfs niet te gebruiken als compostmateriaal, maar het echt gewoon weg te voeren naar het containerpark in de groene bak, zodat het verdwijnt omdat die schimmelsporen problemen kunnen veroorzaken naar de volgende jaren toe. Dat is heel kort door de bocht vind ik, en het is ook al grotendeels achterhaald.
Men grijpt dan terug naar de oorspronkelijke schimmel die enkel overwinterde op knollen en op plantmateriaal, die zich niet ongeslachtelijk voortplantte en als sporen bleef overwinteren in de bodem. Dat is sinds enkele decennia wél zo. Ik begrijp dat men voor die periode, toen de verspreiding redelijk moeizaam verliep, voorzichtig was om dat toch enigszins onder controle te houden en dat men toen aanraadde om plantmateriaal echt wel te verwijderen of aangetaste knollen te verwijderen. Maar de laatste decennia is die situatie helemaal veranderd. Er is nu ook geslachtelijke voortplanting, er zweven in het seizoen miljarden sporen door de lucht, en er zijn miljarden sporen die op de bodem liggen, in de bodem zitten en de winter kunnen overleven om zich van daaruit verder voort te planten en te verspreiden.
Dus het idee dat je dat onder controle kan houden door je plantmateriaal te verwijderen, dat is volledig achterhaald. Er zijn gewoon overal sporen in het milieu. Zeker zodra de zomer begonnen is, zweven ze overal rond. Dan lijkt het mij altijd absurd om te denken dat dat beetje sporen dat je eventueel gaat toevoegen via het mulchen nog enigszins een verschil kan maken.
Waarom wij blijven mulchen met zieke planten
Nu is het wel zo dat wij heel weinig last hebben van deze schimmel. Wij hebben eigenlijk nauwelijks last van de aardappelplaag, en ook de tomatenplaag is bij wijze van spreken zeer beperkt aanwezig in onze tuin. Wanneer hij opduikt, is dat vaak wanneer de omstandigheden veranderen; wanneer de herfst begint, de nachten kouder worden en de seizoenen natter. Zoals de komende weken of de voorbije week, worden de omstandigheden stilaan ideaal voor deze schimmel. Je planten zijn al oud, beginnen wat te verslijten, hebben heel veel opgebracht en heel hard gewerkt. Als je dan langere koude nachten krijgt en het gewas veel langer nat staat, hebben de sporen die op dat natte blad vallen simpelweg meer kans om je plant te infecteren. In de zomer, als je blad rap opdroogt en de plant nog groeikrachtig is, zullen die sporen vernietigd worden en verdwijnen. In het naseizoen is die kans veel kleiner omdat de omstandigheden de schimmel in de hand werken.
Maar dat gezegd zijnde: momenteel hebben wij nog steeds geen last van phytophthora-infecties. Dat heeft nog een belangrijke factor volgens mij, en dat is dat de plant gewoon in een gezonde bodem staat, wat een enorm verschil maakt. Een plant kan zich heel goed verdedigen en heeft dat vroeger ook altijd gedaan, voordat de mens er zich mee begon te moeien. Een van de redenen waarom die verdedigingsmechanismen vaak falen, is dat er onvoldoende voedingsstoffen aanwezig zijn of dat de diversiteit ontbreekt. Het mulchen van je bodem met bijvoorbeeld dat aardappeloof of tomatenloof is daar al een enorme hulp in. Het toedienen van lavameel zal ook een sterke boost geven aan de verdediging van die plant.
Het is dus een beetje een samenloop van omstandigheden waarom wij ervoor kiezen om dat toch mee te mulchen. Ten eerste hebben we er weinig last van, we hebben zelden aangetast loof. Áls het aangetast is, dan is dat helemaal op het einde van het seizoen. Als je daar dan mee gaat mulchen, leg je dat op een bodem waar toch geen tomaten of aardappelen meer groeien. Omdat die schimmel zich enkel in levend materiaal vestigt, is het als mulchmateriaal na enkele dagen tot weken uitgedroogd en afgestorven. De phytophthora gaat zich daar dus niet meer in vestigen. Als je in het voorjaar aardappelen en in de zomer tomaten plant, is die schimmel niet meer aanwezig in dat plantmateriaal, want dat is dan volledig afgebroken. Het enige wat eventueel achterblijft, zijn de sporen die tóch al met miljarden aanwezig zijn.
Daarbovenop wordt de zichtbare bovenste mulchlaag ook nog eens volledig ontsmet door het UV-licht van de zon en door de uitdroging. Alles wat zichtbaar is zal afgedood worden, dus er zullen geen schimmels en schimmelsporen op overblijven. Ook dat is een extra manier waarop je mulchlaag en bodem ontsmet wordt.
Zijn er omstandigheden waarin je toch voorzichtig moet zijn? Uiteraard wel. Als je bijvoorbeeld in juli al de aardappelplaag in je tuin hebt, zou ik héél voorzichtig zijn met dat loof te gebruiken in de buurt van andere nachtschadigen, en dus ook zeker niet bij je tomaten. Gebruik dat loof dan op plekken waar je iets compleet anders gaat zetten. Ook beschadigd tomatenloof vroeg in het seizoen toont aan dat je bodem nog niet in orde is of dat de groeiomstandigheden niet optimaal zijn; dan is het slim om het op de composthoop te gooien of te mulchen bij planten die er niets mee te maken hebben. Maar de angst dat de sporen zich dan massaal gaan verspreiden, is niet al te belangrijk omdat ze toch al in overvloed door de lucht zweven.
Gevaarlijke eigen compost en de zin(loosheid) van bemesten
De tweede vraag is een iets langere vraag. ‘Wil je nu beginnen met mulchen door eerst op de grond wat eigen verteerde compost te leggen en vervolgens af te dekken met eigen mulch (bladjes, takjes, smeerwortel, snoeisel, etc.)? Normaal leg ik in februari/maart ook nog een laagje goed verteerde biologische paardenmest van één jaar oud. Omdat de mulch in het voorjaar pas een half jaar oud zal zijn, is het dan wel of niet verstandig om de eerste twee jaar ook nog een beetje mest te gebruiken?’.
Daar zijn verschillende zaken in die vraag waarop ik zou willen reageren. Om te beginnen met je grond afdekken met je eigen verteerde compost: dan moet je er al zeker van zijn dat je ‘warmtecompostering’ hebt toegepast. Anders ga je gigantisch veel problemen hebben met onkruidzaden in die compost. Als de compost niet lang genoeg zo’n 65 tot 70 graden heeft bereikt, kun je er zeker van zijn dat die zaden massaal aanwezig zijn. Spreid je die open op je bed, dan worden ze blootgesteld aan licht, hebben ze veel voeding en gaan ze gigantisch hard groeien. Zelfs met een mulchlaag eroverheen zullen die zaden zodra de mulchlaag gaten vertoont of verteert extreem snel opschieten. Dus het gebruik van eigen compost zonder goede warmtecompostering raad ik altijd af.
In februari of maart een laag goed verteerde, biologische paardenmest opbrengen van één jaar oud. Daar is iets voor te zeggen, het is al goed dat het biologisch is en behoorlijk verteerd. Mijn voorkeur gaat altijd uit om paardenmest nóg langer te laten liggen, bijvoorbeeld twee jaar, zodat je zeker bent dat alles van voedingsstoffen is vastgelegd en je geen problemen krijgt op je bodem. Maar ook hier zit je met het feit dat als dit niet warm gecomposteerd is, er onkruidzaden uit de mest tevoorschijn zullen komen.
En dat hangt samen met het derde gedeelte van de vraag: een beetje mest de eerste twee jaren? Ik ben een voorstander van zo weinig mogelijk mest gebruiken in een tuin. Een grote reden waarom je plagen hebt in je tuin, zoals slakken, luizen, rupsen en schimmels, kun je terugleiden naar een te hoge aanwezigheid van stikstof in je systeem. Dat is op vele manieren slecht voor je tuin en je bodem. Het toedienen van stikstof wordt altijd aangeraden, maar dat is achterhaald, en zeker in onze moestuinen is dat momenteel slecht. We zitten in een systeem waar al zóveel stikstof aanwezig is. Als je de krant openslaat en kijkt naar landbouw, wordt er enorm veel moeite gedaan om minder stikstof te hebben. In een natuurlijk systeem heb je bovendien al een hele hoop bacteriën die op verschillende manieren stikstof uit de lucht halen. Dus het verhaal dat je stikstof moet toevoegen of stikstoffixerende planten moet zetten, is achterhaald; er is meer dan voldoende stikstof aanwezig.
Men weet ondertussen ook al dat er in een bodem meer dan voldoende voedingsstoffen zitten. Het probleem is niet dat ze er niet inzitten, het probleem is dat de plant ze er niet kan uithalen. En dat probleem kun je terugleiden naar een beperkt of afwezig bodemvoedselweb. Het zijn eigenlijk de bacteriën, de schimmels en alle andere aanwezige organismen in de bodem die de voedingsstoffen en de stikstof vrijzetten. Het is veel beter om dát te activeren, dan hoef je nooit meer te bemesten. Dat systeem is nog niet volledig begrepen, maar wat men nu weet, is dat de plant actief heel veel voedingsstoffen de bodem insteekt. 40% van de suikers en eiwitten die een plant via fotosynthese aanmaakt, steekt hij de bodem in als voeding voor het bodemleven om dat aan te sturen en voor hem te laten werken.
Als jij bemesting uitvoert (chemisch, organisch of paardenmest), overspoel je de plant met stikstof. Dan wordt hij lui. De plant redeneert: “Ik ga geen 40% van mijn energie in de bodem steken voor iets wat ik nu al heel gemakkelijk krijg.”. Hij gebruikt die energie dan om harder te groeien, wat ervoor zorgt dat het bodemvoedselweb slecht ontwikkelt omdat het geen energie krijgt van de plant. Je bodemstructuur blijft achterwege en de plant wordt veel gevoeliger voor plagen en ziektes doordat hij een heleboel essentiële mineralen uit de bodem mist, veroorzaakt door een te harde en te zwakke, gerekte groei door de stikstof.
Mijn advies is altijd: stop met mesten!
Elke manier van mesten, dus ook organische meststof en het zelf maken van gieren en aftreksels, zorgt voor een verhoogde stikstofaanwezigheid. Als je dit enkele jaren volhoudt, zal het in het begin wat moeilijker zijn en je plantengroei misschien wat minder. Maar na drie of vier jaar zul je merken dat je plantengroei weer in orde is, je structuur veel beter is en dat je veel minder last krijgt van plagen en ziektes. Dit ga je héél moeilijk bereiken als je mest blijft bijgeven. Compost is wél oké, dat is voedsel voor het bodemleven, maar probeer compost te vinden met weinig stikstof; wij gebruiken in ons geval altijd groencompost.
Korte samenvatting
In mijn ogen mag je altijd mulchen met tomatenblad, aangetast of niet aangetast. Enkel wanneer het al vroeg in de zomer hevig is aangetast, kun je overwegen om het ergens te leggen waar geen planten van die nachtschadefamilie staan, of om het via de compost te verwerken. Naar het afdekken met je verse eigen compost: zorg ervoor dat die echt een warmtecompostering heeft ondergaan zodat onkruidzaden zijn afgedood. Bemesten ten slotte, zou ik ten zeerste afraden.
Je vertraagt er de ontwikkeling van je bodemsysteem mee, je werkt de plant tegen en maakt hem veel vatbaarder voor ziektes en plagen. Stop met bemesten, voed je bodem, en je zult merken dat dat systeem zichzelf in gang trekt en na een jaar of vier zorgt voor sterke, weerbare planten die al hun voedingsstoffen zelf verzamelen!
Wat je hierboven leest, is een transcriptie van de podcast. Deze tekst bevat de hoofdpunten van de opname, maar is altijd beknopter dan het origineel. Wil je het volledige verhaal, met alle details, dan kan je best de opname bovenaan beluisteren!
Wil je het in je auto, tijdens het sporten of tuinieren beluisteren, dan is het misschien handig om dit via mijn Spotify-kanaal te doen: Je Eigen Perfecte Tuin
Geef een reactie