Een tijd geleden belandde er een interessante vraag in mijn mailbox, waar ik zelf ook lang mee geworsteld heb en waar ik in mijn boek uitgebreid op inga. Na het volgen van een boeiende workshop over bodem en groenteteelt, vroeg iemand zich af hoe je in de moestuin moet omgaan met het evenwicht tussen bacteriën en schimmels. Men hoort namelijk vaak dat een bacterierijke bodem een vereiste is voor groenten, terwijl een schimmelrijke bodem vooral voor meerjarigen en struiken is. Hoe pas je dit toe als je mulcht met diverse materialen, en moet je daar überhaupt wel rekening mee houden?
Het korte antwoord is: zoals bijna alles wat je in een tuin gaat doen, mag je ook hier bijna alles vergeten wat je ooit verteld is. Als je zorgt dat de bodem in orde is, dan volgt bovengronds eigenlijk alles vanzelf en hoef je niet al te veel te rekenen in een moestuin. Maar daar zit een lange uitleg achter, waar we in deze podcast dieper op ingaan.
De oorsprong van onze groenten en het bodemvoedselweb
Om te ontdekken wat de perfecte samenstelling van schimmels en bacteriën is, moeten we terugkijken naar de voorlopers van onze groenten. Bijna allemaal komen ze uit een ruige pioniersfase, wat aanduidt dat ze zich ontwikkeld hebben in een bacterierijke bodem en van nature niet sterk samenwerken met schimmels.
Bodemmicrobioloog dr. Elaine Ingham heeft de schimmel-bacterieratio en het bodemvoedselweb bekendgemaakt bij het grote publiek, wat zeer nuttig is gebleken. Zij stelde dat een pioniersbodem tot tien keer meer bacteriën dan schimmels bevat, terwijl een volwassen oerbos net honderd keer meer schimmels herbergt. Zij stelde ook dat elke soort groente een specifieke voorkeur had voor een bepaald evenwicht. Sla en wortelen hadden bijvoorbeeld een verhouding van 0,3 schimmels per bacterie nodig, en kruiden 0,75. Volgens die theorie zou je jouw bodem exact zo moeten ontwikkelen dat die specifieke verhouding aanwezig was, iets wat een vijftiental jaar geleden sterk in opmars kwam en waar veel over gepraat werd.
De theorie botst met de praktijk
Ik stelde me daar toen direct vragen bij. In een workshop hoorde ik dat houtsnippers schimmeldominant zijn en je daar geen groenten in kon kweken. Maar ik had in mijn eigen tuin toen al jaren een stuk grond waar ik uitsluitend met houtsnippers mulchte. Dat was bij wijze van spreken de beste plek om groenten te kweken, ondanks dat daar overduidelijk heel veel schimmels aanwezig moesten zijn. Ook de film Back to Eden toont hoe iemand al decennialang met enkel houtsnippers mulcht en groenten in overvloed kweekt in een enorm vruchtbare grond.
Daarnaast werken we in een natuurlijke tuin met polyculturen: alles door elkaar. Als elke groente een specifieke verhouding nodig had, zou een polycultuur helemaal niet goed werken. Het klopt dat de wilde voorouders van onze groenten, zoals de wilde kool op winderige rotskusten of de oertomaat in het droge Andesgebied, ver weg van schimmels op een bacteriedominante bodem stonden. Maar in de praktijk, en uit recent onderzoek, blijkt dat schimmels wél ongelooflijk belangrijk zijn om de bodemstructuur op te bouwen. Daarom komt men tegenwoordig, zelfs in de gangbare landbouw, steeds meer terug van ploegen. Ploegen is slecht omdat het net die cruciale schimmelnetwerken vernietigt, netwerken die enorm belangrijk zijn voor de bodemopbouw, het aanbrengen van voedingsstoffen en de bescherming van je planten. Schimmels zijn dus écht belangrijk in je moestuin.
De plant bepaalt zélf zijn omgeving
Waarom klopt die theorie dan niet helemaal? Moderne studies tonen aan dat niet de grond bepaalt wat er groeit, maar dat de plant zélf bepaalt welke omgeving hij nodig heeft en die ook zelf aanmaakt. Planten bepalen lokaal in de zogenaamde rhizosfeer (de zone rond hun wortels) zélf in welke mate ze bacteriën en schimmels aantrekken en wat de ideale pH is om voedingsstoffen op te nemen.
Dit doen ze door 30 tot 40 procent van de suikers die ze via fotosynthese produceren, als exsudaten de bodem in te sturen. Een groot deel daarvan wordt gebruikt om dat ideale biotoop rond die plantenwortels aan te leggen. Jij moet dus helemaal niet ingrijpen door te mulchen met specifieke materialen of door bepaalde groenbemesters of meststoffen te kiezen. Jij zorgt gewoon voor een bodem met veel organisch materiaal; de plant vormt zijn eigen omgeving wel om naar wat hij moet hebben, dus je moet er zelf niet zoveel rekening mee houden.
Het ideale evenwicht (en waarom moderne groenten schimmels nódig hebben)
Wat men wel merkt, is dat de beste groeiomstandigheden voor een plant ontstaan wanneer schimmels en bacteriën ongeveer in evenwicht zijn, in een één-op-één verhouding. Hoewel de vroege voorlopers van onze groenten in een bacteriedominante bodem groeiden, zijn de vereisten van onze moderne groenten enorm toegenomen. Vroeger had graan bijvoorbeeld maar enkele korrels, en ook oude kolen waren totaal anders dan de gigantische groenten van nu.
Die toegenomen behoefte aan voeding vereist een samenwerking met schimmels om het wortelnetwerk enorm te vergroten. De bacteriën zorgen in het begin voor de snelle groeispurt van de eenjarigen. Maar zodra de plant vruchten of zaden moet gaan vormen, heeft hij absoluut de behoefte aan dat schimmelnetwerk om van veel verder water en voedingsstoffen te halen en zich te beschermen. Zonder schimmels groeien ze behoorlijk slecht en kom je in het straatje terecht waarbij je constant moet bijmesten.
Mulch daarom zeker ook met houtig materiaal, zoals herfstblad, om voldoende schimmels aan te trekken. Dit biedt een evenwicht tegen de bacteriën, waardoor je planten optimaal kunnen groeien voor zowel de snelle eerste groei als de latere opbrengst van die belachelijk grote vruchten. Je hoeft absoluut geen schrik te hebben voor schimmels; het is een ander soort schimmel en als je veel nuttige schimmels hebt, heb je veel minder kans op kwalijke schimmels.
pH: Waarom je de grafieken mag negeren
Een ander deel van dit verhaal is de pH. Men zegt dat bacteriën lichtbasische, alkalische uitscheidingen produceren die de pH verhogen, terwijl schimmels (die taai, koolstofrijk materiaal verteren) organische zuren uitzweten en de bodem zuurder maken. Dat klopt gedeeltelijk, maar dat verhaal gaat vooral op in een bos of een verstoorde bodem, zoals een akker die constant geploegd of gefreesd wordt.
Als je stopt met spitten en de bodem met rust laat, bouw je gestaag organische stof en humus op. Humus werkt als een gigantische spons naar water en voeding toe, maar heeft ook nog een neutraliserende werking in je bodem. In een ongestoorde bodem leven schimmels en bacteriën perfect naast elkaar en houden de zuren en basen elkaar in evenwicht. Bij weersschommelingen of kleine verstoringen (bijvoorbeeld door aardappelen te rooien waardoor veel schimmels verdwijnen) treedt de humus als buffer op. Deze haalt extreme zuren of basen eruit, waardoor je bodem min of meer constant blijft in pH-graad.
Sterker nog, en dit wordt zelden verteld: kalken of je zorgen maken over de pH is absoluut niet nodig. Als je zorgt voor voldoende organisch materiaal en de plant zijn ding laat doen, stabiliseert de pH zich vanzelf in de lichtzure tot neutrale zone (tussen 6 en 6,8). Als je naar de tabellen kijkt, zie je dat de zone van 6 tot 6,8 exact de ideale zone is waarin voedingsstoffen het makkelijkst oplossen en opgenomen worden door planten. Adviezen om voor aardappelen naar een gigantisch lage pH van 5 te gaan, zijn onnodig en zelfs slecht, omdat verschillende stoffen onder de 6 onoplosbaar worden en je die dan moet gaan bijgeven.
Conclusie: Blijf eraf en stop met rekenen
Blijf gewoon van die bodem af, blijf van meststoffen af en blijf van methodes af om je pH te beïnvloeden. Geef gewoon organisch materiaal, mulch, composteer, stop met spitten en laat de plant zijn ding doen. Na verloop van tijd bouwt jouw bodem zijn structuur en organisch stofgehalte op en komt er vanzelf een evenwicht in bacteriën en schimmels.
Een polycultuur werkt dan gewoon perfect. Plant alles door elkaar, laat de plant zijn plan en zijn goesting doen en geniet van een tuin met veel minder stress en problemen. Je hoeft absoluut niet te rekenen in een tuin. pH? Trek je er niks van aan. Bacterie- en schimmeldominantie? Vergeet het. Voedingsstoffen? Vergeet het. Dat komt allemaal in orde als je bodemvoedselweb voldoende ontwikkeld is en als je voldoende organisch materiaal in je bodem hebt.
Wat je hierboven leest, is een compacte transcriptie van de podcast. Deze tekst bevat de hoofdpunten van de opname, maar is altijd beknopter dan het origineel. Wil je het volledige verhaal, met alle details, dan kan je best de opname bovenaan beluisteren!
Wil je het in je auto, tijdens het sporten of tuinieren beluisteren, dan is het misschien handig om dit via mijn Spotify-kanaal te doen: Je Eigen Perfecte Tuin

Geef een reactie