Naar aanleiding van de vorige podcast over het evenwicht tussen bacteriën en schimmels, en het feit dat er veel mythes of verkeerde informatie over gegeven wordt, zijn er meerdere vragen binnengekomen. Deze vraag zou ik toch wel graag willen beantwoorden, omdat het over het gebruik van houtsnippers gaat en dat ligt mij na aan het hart. De eerste vraag is: Mag ik uit jouw betoog besluiten dat we mogen mulchen in onze moestuin met houtsnippers, en zo ja, hoe dik mag de laag zijn?
Inderdaad, ik ben altijd een voorstander geweest om te mulchen met houtsnippers, maar er zijn wel enkele belangrijke opmerkingen over te maken en ervaringen die wij gehad hebben waar je voor moet opletten.
De voordelen van houtsnippers in de moestuin
Misschien moeten we starten door te zeggen dat houtsnippers echt wel enorm veel voordelen hebben. Ten eerste bedekt het de bodem perfect, waardoor onkruidgroei nagenoeg onbestaande is. Het vasthouden én doorlaten van water is zeer goed, net zoals het aantrekken van nuttige schimmels. Het is een uitermate geliefd materiaal voor schimmels, de waterhuishouding is min of meer perfect en planten groeien er heel goed op. Er is bovendien een trage afgifte van voedingsstoffen, wat zeer belangrijk is om je bodemvoedselweb te stimuleren. En misschien wel heel belangrijk voor veel mensen: het is een houtig, ruw materiaal. Slakken zijn daar niet zo content van, dus je zal zeer weinig last hebben van slakkenvraat op houtsnippers.
Dat is al een heleboel. Het heeft bij ons zo goed gewerkt dat dit lange tijd het beste stuk in onze tuin is geweest waar alles het best groeide.
De nadelen: Wat je in je achterhoofd moet houden
Er komen toch ook enkele nadelen bij kijken die je in je achterhoofd moet houden. Dan moet je zelf de afweging maken of, in welke mate en waar in je tuin je dit gaat toepassen.
Het allereerste is dat houtsnippers traag verteren. Het is zeer hard, stevig materiaal dat moeizaam verteert; er zijn vooral schimmels en een soort bacteriën die dat kunnen aanvallen en afbreken. Dat heeft tijd nodig en is niet zoals gras of smeerwortelblad dat op enkele weken weg is. Afhankelijk van de houtsoort kan het gemakkelijk één, twee of drie jaar blijven liggen voordat het volledig verdwenen is. Wij mulchen met een mengsel uit onze houtkanten met veel makkelijk verteerbaar materiaal (zoals knotwilg, linde en populier), maar er zit ook eik en kers tussen, wat veel langer blijft liggen. Doorsnee genomen merk je bij ons mengsel dat na een jaar tot anderhalf jaar het grootste deel verteerd is en de laag heel dun is geworden.
Daarom moet je sowieso niet dik gaan mulchen; enkele centimeters is in principe meer dan voldoende. Wij bedekken de bodem ongeveer elk jaar, of af en toe om de twee jaar, met een laagje van zo’n vier tot vijf centimeter, wat voor onze manier van werken voldoende is.
Waarom wij niet meer overal houtsnippers gebruiken
Wij doen dat tegenwoordig niet meer op onze permanente bedden, maar we hebben een apart stuk waar we uitsluitend houtsnippers gebruiken en met niets anders mulchen. In het begin gebruikten we op al onze bedden houtsnippers. Het voordeel dat het lang blijft liggen (soms anderhalf tot twee jaar), werd op de vaste bedden echter een nadeel.
Het geeft namelijk wat problemen met zaaien en planten. Als je gaat zaaien of planten, moet dat echt contact maken met de bodem. Je moet de houtsnippers dus echt opendoen en je zaden of planten tot op de grond leggen, zodat ze direct in de grond kunnen wortelen. Als je gewoon bovenop houtsnippers zaait, zal dat bij vochtigheid wel ontkiemen, maar het gaat geen houvast, onvoldoende water en geen voedingsstoffen vinden, waardoor het snel afsterft. (Daarom werkt het overigens wel zo goed tegen onkruidgroei en inwaaiend onkruidzaad; dat kiemt soms wel, maar vindt zelden houvast).
Als je zélf wilt zaaien, moet je de laag openmaken, maar dat bleek een probleem. De houtsnippers worden vaak door vogels weer dichtgekrabd, of vallen door omstandigheden vanzelf weer dicht. De zaadjes en kiempjes worden bedekt, wat leidt tot een gebrekkige opkomst, of zelfs helemaal niks als de geul compleet dichtvalt. Voor planten is het minder een probleem: een plantkluitje van twee à drie centimeter (of grotere blokken van 9 centimeter) zet je oppervlakkig in de grond en dan doe je de houtsnippers gewoon terug dicht. Het plantje staat dan al boven de mulchlaag en kan daar perfect tegen.
Voor uitplanten is het dus geen probleem, maar voor zaaien wel. Daarom doen we het niet meer op al onze bedden, maar in een aparte zone. Als we dáár gaan zaaien, is de oplossing voor ons dat we een emmer compost meenemen. We maken de zaaigeul in de houtsnippers open, vullen die half op met compost en zaaien daarin. De geul is dan minder diep, rijst niet zo makkelijk dicht, krabbende vogels gooien hem niet snel dicht, en je kunt makkelijker zaaien. Het vraagt wel wat meer werk en je moet een beetje nadenken over hoe je het aanpakt, maar je kan het perfect doen.
Stikstoftekort: Een tijdelijk evenwicht
Een ander probleem als je met houtsnippers start, is dat het een enorme gift is aan organisch materiaal en eten voor het bodemleven. Er moet dus een nieuw evenwicht opgebouwd worden. Het verhaal dat mulch of houtsnippers je voedingsstoffen gaan vastleggen, klopt grotendeels níét. Dit is vooral een probleem als je houtsnippers gaat ínwerken. Dan hebben wortels te weinig voedingsstoffen omdat het bodemvoedselweb, dat die voedingsstoffen voor z’n eigen groei nodig heeft en veel sneller opneemt dan plantenwortels, alles actief vastlegt zolang dat organische materiaal in de bodem zit.
Als je mulch bóvenop de grond legt, werkt dat zo niet. Dat is dan enkel in de bovenste centimeter dat het bodemleven contact maakt met de mulchlaag en daar actief voedingsstoffen vastlegt. Voor planten die dieper groeien of als je een kluitje plant waarvan de wortels direct naar beneden gaan, heb je daar geen last van.
Maar als je gaat zaaien, is dat een ander verhaal. Zaailingen ontkiemen wél in die bovenste laag, spreiden daar in het begin hun wortels en zullen dus wel vaak wat tekorten hebben. Bij zaailingen merkten we de eerste één à twee jaar dat ze wat tekorten hadden en slechter groeiden. Bij kluitplantjes was dat absoluut geen probleem. Na een drietal jaar verdween dat probleem bij zaailingen ook: er was een nieuw evenwicht en de actieve opbouw van het bodemvoedselweb was in balans met de vrijkomende voedingsstoffen.
Belangrijk is: als je op een nieuwe manier begint te werken, moet je beseffen dat je systeem altijd op zoek is naar een nieuw evenwicht en dat dit tijd vraagt. Als je dat weet, kan je bijvoorbeeld de eerste jaren houtsnippers gebruiken op ‘eilandjes’ waar je enkel zaken uitplant (zoals aardappelen, aardbeien en tomaten), zodat je dat probleem vanzelf oplost.
Droogte, schimmels en een harde korst
Iets wat in het begin niet speelde, maar door de lange warme, droge periodes van de laatste jaren wel: als je met houtsnippers mulcht, zal je merken dat het heel snel gekoloniseerd wordt door schimmels. Dat kan absoluut geen kwaad; het zijn schimmels op dood materiaal die je planten niet zullen aanvallen. Sterker nog, het is heel goed dat er veel nuttige schimmels zitten, want dan is er geen plaats voor schadelijke schimmels die je planten wél aanvallen.
Na een week of twee zie je dat alle houtsnippers zichtbaar verbonden zijn en aan elkaar geplakt zijn met schimmeldraden. Dat is op zich goed: de schimmels verteren het materiaal, voedingsstoffen komen vrij, de houtsnippers liggen vast en verdwijnen niet zomaar in een zaaigeul. Maar er is een keerzijde als het héél lang droog is, zoals de voorbije zomers. De houtsnippers drogen te ver uit en de schimmels verdwijnen uit de bovenste zone; ze trekken dieper de grond in of sterven af. De kleefstoffen die ze gemaakt hebben blijven echter achter, waardoor die uitgedroogde houtsnippers gigantisch hard aan elkaar kleven en een korst vormen.
Als je dan wilt planten of zaaien, is het echt wel moeilijk om dat snel en efficiënt open te breken en heb je echt een schopje nodig. Ook onkruid uittrekken is niet meer zo evident zonder eerst de korst te breken. Nog een nadeel: als er op die harde, uitgedroogde korst dan een beetje regen valt, heeft de mulch echt een waterafkerende functie en wordt het water weerspiegeld. Er is dan heel wat regen nodig om de laag terug wat op te lossen en losser te maken. In de huidige klimaatomstandigheden is dat niet altijd ideaal te noemen.
Waar en hoe koop je houtsnippers?
Maar als je de na- en voordelen kent, kan je aan de slag. Wij gebruiken het sowieso standaard bij aardbeien. Dat zijn bosrandplanten die heel graag schimmels en bosachtige omstandigheden hebben. Je hebt minder onkruid, de aardbeien liggen mooi en schoon op de houtsnippers en gaan minder snel rotten. Ook tussen aardappelen of ander plantgoed is het ideaal.
Een tweede deel van de vraag is dan: vanwaar haal ik die houtsnippers? Kan ik enkele zakken geperste houtsnippers in een tuincentrum kopen?. Hier is het antwoord ja en nee, en wat genuanceerder.
- Prijs en impact: In een tuincentrum is voorverpakt materiaal vaak heel duur, behandeld of gestoomd, in zakken gestoken en vervoerd. Dat kost allemaal onnodige energie. Ik adviseer altijd om het in bulk te halen, waar je losse houtsnippers of een bigbag kan kopen of laten leveren. Voor volume is dat veel goedkoper.
- Snippers versus schors: Let erop dat je géén houtschors koopt. Schors is de buitenkant van de boom, wordt meestal als siermateriaal gebruikt, verteert extreem traag en bevat zeer weinig voedingsstoffen (het is vooral koolstof). Het zal de bodem lang afdekken, maar zeer weinig toevoegen aan de opbouw van je bodem of het voeden van je bodemleven. Echte houtsnippers (versnipperde takken en stammen) bevatten wél behoorlijk wat voeding.
- Verborgen additieven: Let ook op bij voorverpakt materiaal. Op internet staat vaak dat het niet zo is, maar een negental jaren geleden werden stropellets en hennepstrooisel populair als mulch, en de stalen die wij toen kregen bevatten vaak toegevoegde producten om slakken en onkruid te vermijden. Als er staat dat het 100% natuurlijk is, kan je daarvan uitgaan, maar bekijk toch altijd goed de achterkant van de zak of er niets ongewensts is toegevoegd.
De luisteraar meldt ook: ‘Mijn bodem is al 15 jaar een bemulchte zandgrond.’. Dan moet je eens kijken of het organisch stofgehalte misschien toch nog wat laag is. Een optimaal organisch stofgehalte ligt rond de 2,5 à 3%. Vanaf dat niveau krijg je écht de voordelen van een goede bodem, doet het bodemvoedselweb volledig zijn ding en merk je dat er heel veel verandert in je tuin. Bij zandgrond is het wellicht een idee om af en toe met compost te mulchen, als verrijking om het organisch gehalte hoger te krijgen. Laat eventueel je bodem eens testen als je denkt dat alles wat kleiner en minder groeit. Is dat gehalte te laag, voeg dan misschien ook eens een laagje compost toe vóór je de mulchlaag van houtsnippers of ander materiaal aanbrengt!
Wat je hierboven leest, is een compacte transcriptie van de podcast. Deze tekst bevat de hoofdpunten van de opname, maar is altijd beknopter dan het origineel. Wil je het volledige verhaal, met alle details, dan kan je best de opname bovenaan beluisteren!
Wil je het in je auto, tijdens het sporten of tuinieren beluisteren, dan is het misschien handig om dit via mijn Youtube-kanaal te doen: Je Eigen Perfecte Tuin. Je kan ook terecht op Spotify, Deezer en Apple Podcast

Geef een reactie